Op woensdag 10 juni werd in de Tweede Kamer het wetsvoorstel bevordering wooncoöperaties in de Tweede Kamer behandeld. Verschillende partijen reageerden positief en daarmee lijkt een meerderheid in zicht. Cooplink was er bij en maakte een uitgebreid verslag.
Kamerleden reageerden overwegend positief. Met name het ‘samen zelf doen’, het bouwen van gemeenschappen en het wegnemen van onduidelijkheid in de wet worden breed gewaardeerd. De partijen hebben waardering voor burgerinitiatief, en het principe dat burgers zich vrijwillig verenigen en samen de schouders onder hun eigen woon- en leefomgeving zetten.
De partijen zijn het er over eens dat de wet zorgt voor een helder juridisch kader en betere kansen op financiering, waardoor burgerinitiatieven in de toekomst minder snel vastlopen. Het wettelijk vastleggen van de ‘vastgoedcoöperatie’ (zonder winstoogmerk) binnen de Woningwet geeft financiers meer juridisch houvast, wat de kans op het krijgen van een lening vergroot. Het verankeren van het onderscheid tussen ‘beheercoöperaties’ en ‘vastgoedcoöperaties’ in de wet krijgt eveneens bijval: dit sluit goed aan op de realiteit.
Voor gemeenten helpt een duidelijke wet om sneller te beoordelen wat er lokaal juridisch en financieel mogelijk is. Daarnaast stimuleert het gemeenten om hier via hun woonvisie bewust over na te denken. Als gemeenten besluiten beleid voor wooncoöperaties te maken kan dit vastgelegd worden in de lokale prestatieafspraken.
Verschillende partijen benadrukten dat de wet niet alleen de definities moet aanscherpen, maar ook oplossingen bieden voor de échte knelpunten in de praktijk — zoals het gebrek aan locaties, complexe bankfinanciering, fiscale belemmeringen, de kostendelersnorm en lange procedures.
Op 18 juni wordt er verder gedebatteerd en het wetsvoorstel zal op een later moment in stemming worden gebracht.
Lees het complete verslag op de site van Cooplink

