Doe mee aan de GemeenschappelijkWonenDag

Op zaterdag 16 mei 2026 zetten meer dan 75 woongemeenschappen in Nederland hun deuren open voor publiek. Bezoekers kunnen dan in de praktijk ervaren hoe het is om met andere mensen op één plek te wonen. “Een rondleiding, in gesprek gaan met bewoners, overal kun je wat anders doen,” zegt Marijke van Zoelen van Cooplink, één van de organisatoren.

In Nederland zijn honderden woongemeenschappen actief, van kleine woongroepen en grotere ecodorpen en wooncoöperaties. Bewoners wonen meestal zelfstandig, maar delen bepaalde ruimtes en spullen, vertelt Van Zoelen. “Denk aan een gemeenschappelijke keuken, tuin of werkplaats, of gedeelde apparaten zoals grasmaaiers en wasmachines. Zo kun je spullen en ruimte efficiënt gebruiken en ontmoet je tegelijk je buren, wat weer bijdraagt aan meer verbinding.”

Wil je als woonproject nog meedoen aan deze dag? Kijk op de site van GemeenschappelijkWonenDag hoe je je kunt opgeven.

Dat benadrukt ook Larissa Willemse (37), een van de bewoners van woongemeenschap Eikpunt in Nijmegen. Ze woont er nu drie jaar in een sociale huurwoning, samen met haar man en twee kinderen en zo’n tachtig medebewoners. “Ons leven is verrijkt nu we hier wonen. Je doet veel meer samen dan in een reguliere wijk.” Hiervoor woonde Larissa in een klein dorp, waar ze weinig verbinding voelde. “Je kon er soms dagenlang niemand zien. Terwijl toen ik hier, in het Eikpunt, net was bevallen, we een maand lang maaltijden hebben ontvangen vanuit de gemeenschap. Er waren zoveel mensen die hulp aanboden.”

Gouden sociale basis
Gemeenschappelijk wonen is een van de oplossingen voor de wooncrisis, vertelt Van Zoelen. “Er is nu meer landelijke beleid en ook gemeenten nemen in hun beleid steeds meer vormen van collectief wonen op.” Met als een van de koplopers gemeente Nijmegen. Zij biedt jaarlijks twee kavels aan speciaal voor collectieve woonvormen. “Wonen is duur en er is weinig bouwruimte”, legt wethouder Vergunst uit. “Er komen meer appartementen en minder grondgebonden huizen. Privétuinen worden kleiner, maar je krijgt er een gemeenschappelijke tuin, wasruimte of logeerkamer voor terug, die je samen onderhoudt.”

Hij heeft jaren geleden zelf ook in een woongemeenschap gewoond. “Hoewel ik er al lang niet meer woon, heb ik nog steeds veel contact met vrienden van toen. Die sociale basis is goud waard.”

Deel deze pagina