Waar laat je straks je zonnestroom?

Vanaf 2027 verandert er iets belangrijks voor iedereen met zonnepanelen. De salderingsregeling verdwijnt. Zelf opgewekte stroom meteen gebruiken wordt daardoor aantrekkelijker dan terugleveren aan het net. Voor bewoners van een ouderenwoongroep of seniorencomplex biedt dat ook kansen: juist samen kun je slimmer omgaan met energie.  

De zonnepanelen liggen op het dak en op een zonnige middag draait de elektriciteitsmeter vrolijk de goede kant op. Maar veel bewoners zijn dan niet thuis of gebruiken nauwelijks elektriciteit. De panelen produceren volop, terwijl de wasmachine pas ’s avonds aangaat en de elektrische auto ’s nachts wordt opgeladen. Tot nu toe was dat financieel niet zo’n probleem. Dankzij de salderingsregeling kon teruggeleverde zonnestroom worden weggestreept tegen stroom die op een ander moment van het net werd gehaald. Per 1 januari 2027 stopt die regeling. Terugleveren blijft mogelijk en daarvoor krijg je een vergoeding, maar het wordt interessanter om zoveel mogelijk van je zonnestroom zelf te gebruiken.

De eenvoudigste oplossing kost niets: verschuif het stroomgebruik naar zonnige uren. Zet de wasmachine, vaatwasser en droger bijvoorbeeld overdag aan. Heb je een elektrische auto, laad die dan indien mogelijk op als de zonnepanelen veel produceren. Ook warmte kan als een soort energiebuffer dienen. Een elektrische boiler of warmtepomp kan overdag zonnestroom gebruiken om water te verwarmen dat pas later nodig is. Volgens Milieu Centraal gebruikt een huishouden zonder speciale maatregelen gemiddeld ongeveer 30 procent van zijn zonnestroom zelf. Door apparaten slimmer te gebruiken kan dat percentage omhoog.

Waarom niet delen met de buren?

Voor ouderenwoongroepen is een andere ontwikkeling minstens zo interessant: energiedelen. Stel dat tien appartementen zonnepanelen hebben en tien andere niet. Waarom zou het overschot van de ene bewoner dan niet naar de buurman of buurvrouw kunnen gaan? Sinds 2026 biedt de Energiewet mogelijkheden om elektriciteit administratief met anderen te delen. Daarvoor zijn onder meer slimme meters nodig. De stroom wordt niet letterlijk via een kabeltje van buur A naar buur B gestuurd, maar via het gewone elektriciteitsnet verrekend. Bewoners kunnen afspraken maken over de vergoeding. De praktijk staat nog in de kinderschoenen. Energieleveranciers hoeven energiedelen niet aan te bieden en in 2026 zijn de mogelijkheden voor consumenten nog beperkt. Maar juist voor wooncomplexen kan dit interessant worden. De ACM geeft uitleg over de regels.

In Soest kijken ze verder dan één woning

Dat gezamenlijk naar energie kijken allang geen toekomstmuziek meer is, laat Soester Energie zien. In de Soester wijk Overhees wordt geëxperimenteerd met aquathermie: warmte halen uit het water van vijvers en sloten. Bij kinderboerderij De Veenweide werd een warmtewisselaar in een vijver geplaatst. Inmiddels krijgen ook drie woningen via een klein warmtenet warmte uit oppervlaktewater. Onderzoek wijst volgens de provincie Utrecht uit dat de vier vijvers in de wijk in theorie warmte kunnen leveren voor meer dan duizend goed geïsoleerde woningen. Het interessante aan zo’n project is vooral de schaal: niet ieder huishouden hoeft afzonderlijk dé energieoplossing te vinden. Een straat, buurt of wooncomplex kan ook gezamenlijk kijken naar opwekking, warmte, opslag en gebruik.

Is een thuisbatterij de oplossing?

Wie zonnepanelen heeft, kan overtollige elektriciteit ook opslaan in een thuisbatterij. De batterij wordt overdag opgeladen en levert ’s avonds stroom. Volgens Milieu Centraal kan het aandeel zonnestroom dat je zelf gebruikt daarmee stijgen van ongeveer 30 naar circa 60 procent. Dat klinkt aantrekkelijk, maar goedkoop is het niet. Een thuisbatterij kost al snel enkele duizenden euro’s. Er is geen landelijke aanschafsubsidie en het is onzeker of de investering zichzelf binnen de levensduur van de batterij terugverdient. Ook zijn voor de productie grondstoffen en energie nodig. Bovendien lost een batterij één belangrijk probleem niet op: het verschil tussen zomer en winter. Op een zonnige zomerdag zit de batterij snel vol, terwijl er in donkere wintermaanden juist weinig zonnestroom over is om op te slaan. Voor bewoners van een ouderenwoongroep is het daarom interessant om verder te kijken dan alleen een batterij in ieder appartement. Misschien ligt de toekomst juist in samen slim gebruiken, opslaan en delen. Want waarom zou iedere voordeur zijn eigen energieoplossing moeten hebben als het ook gezamenlijk kan?

Deel deze pagina